Wie is Damaris Beems?
Deze week is ze geïnstalleerd als wethouder: ‘ónze’ Damaris Beems. Ónze Damaris omdat ze al jaren lid is van D66 en zich sinds de laatste gemeenteraadsverkiezingen héél actief inzet voor de partij. Maar ook ónze Damaris omdat ze in Zaltbommel en de wijde omtrek bekend is als chef-kok en naamgever van restaurant À la Damaris in de Boschstraat. En dus is ze van ons allemaal. “Ik vind dat echt uniek aan de cultuur van Zaltbommel. Er is een collectieve trots op alles wat er hier gebeurt. Mensen staan niet kritisch aan de zijlijn, maar omarmen nieuwe dingen – zoals een restaurant – als iets wat van ons samen is. Dat vind ik heel bijzonder.”
En toch, van chef-kok naar wethouder: dat klinkt niet direct als een logische keuze. Maar hoe meer je over Damaris te weten komt – over haar jeugd, haar studies, haar veelzijdige loopbaan die begon in de journalistiek, haar ondernemersgeest, haar maatschappelijke betrokkenheid en haar onweerstaanbare hang naar avontuur – hoe vanzelfsprekender die stap wordt. “Ik weet nog dat ik eind vorig jaar kennismaakte met Peter, die toen nog lijsttrekker van D66 was. We hadden het over mijn plek op de lijst. ‘Ik kan niet in de raad,’ zei ik, ‘want dat is niet te combineren met het restaurant. Maar als ik wethouder kan worden, dan is het een ander verhaal!’ Dat was toen natuurlijk als grap bedoeld. Maar kijk waar we nu staan. Ik vind het nog steeds ongelofelijk, maar ik ben ontzettend blij met hoe het gelopen is. En vooral heel gemotiveerd om er iets moois van te maken.”
Thuis
Als dochter van een diplomaat groeide Damaris op in verschillende landen. Ze werd geboren in Duitsland, ze woonde in Nigeria en Polen, maar het grootste deel van haar jeugd bracht ze door in Libanon. Op school sprak ze Frans, thuis Nederlands en op straat Arabisch. Het betekende een jeugd waarin ze steeds opnieuw haar weg moest vinden in een nieuwe omgeving. Juist daardoor ontwikkelde ze een open blik op de wereld en een natuurlijke nieuwsgierigheid naar mensen die anders denken of leven dan zijzelf. Toch duurde het lang voordat ze zelf een plek vond waar ze zich echt thuis voelde. Die kwam pas toen ze met haar man Joris naar Gameren verhuisde. “Sinds ik terug ben in Nederland heb ik me nérgens zo thuis gevoeld als hier. Toen we hier in de omgeving rondreden en vooral toen we ons huis in Gameren voor het eerst binnenliepen, wist ik het: ik ga hier nooit meer weg. Dat zit in alles: de rivier, het landschap, de lucht, maar bovenal de mensen. Je voelt je hier welkom. Je mag erbij horen. Ik voel me hier geworteld.”




In haar tienerjaren keerde het gezin vanuit Libanon terug naar Nederland. Op Hollandse bodem haalde Damaris haar vwo-diploma. Ze wist al vroeg dat ze journalist wilde worden, maar koos niet voor de meest voor de hand liggende route. De studie Franse Taal- en Letterkunde paste beter bij haar brede belangstelling dan de School voor Journalistiek, vooral omdat ze daar uitstapjes kon maken naar allerlei andere richtingen. Zo volgde ze vakken bij rechten, psychologie, culturele antropologie, sociologie en politicologie. “Eigenlijk heb ik daar mijn eigen university college in elkaar geknutseld”, zegt ze lachend. Uiteindelijk studeerde ze af in Franse Taal- en Literatuur.
Journalistiek
Maar de journalistiek bleef trekken. Damaris werd toegelaten tot de prestigieuze opleiding journalistiek aan de Erasmus Universiteit, waar jaarlijks maximaal twintig studenten werden aangenomen. Ze liep stage bij de Volkskrant en werd als verslaggever aangenomen op sociaal-economische redactie van de Volkskrant. “Ik zat daar in het hart van de redactie, bovenop het nieuws. Ik heb het vak geleerd in een snelkookpan.” Na de Volkskrant volgde Veronica Nieuwsradio, waar ze verantwoordelijk werd voor het financiële nieuws. Daar werkte ze onder meer samen met Martin Bosma en Theo van Gogh. Over Bosma zegt ze dat hun samenwerking in eerste instantie stroef verliep, totdat ze besloot hem gewoon stevig van repliek te dienen. Met Van Gogh klikte het juist direct. “Hij was bot, maar daar had ik totaal geen moeite mee. Ik hielp hem regelmatig met onderwerpen voor zijn talkshow en we hadden veel respect voor elkaar.”
Veronica Nieuwsradio ging failliet. Damaris had inmiddels kinderen en ging aan de slag bij KRO Ontbijt TV. “Maar televisie was het niet voor mij. Weinig ruimte voor diepgang, de gejaagde cultuur, het ging alleen maar over soundbites.” Ze werd freelancer in PR en communicatie. Een doorbraak kwam via kinderwagenmerk Bugaboo, waarvoor ze eerst de Nederlandse PR verzorgde. Een half jaar later was ze verantwoordelijk voor de wereldwijde communicatie. “Van in- en externe communicatie tot crisiscommunicatie en de aansturing van PR-bureaus over de hele wereld. Ineens kwam alles op mijn bord. Het was veel, maar geweldig!” Bugaboo wilde haar graag in dienst nemen, maar Damaris voelde er weinig voor om haar flexibiliteit en vrijheid op te geven. “Want hoe leuk ik het bedrijf ook vond, ik zag het niet zitten om ingekapseld te worden door de regels en gebruiken van één groot concern.”
Hard werken
In plaats daarvan richtte ze haar eigen bureau op, met Bugaboo als eerste klant. Vanuit haar netwerk bouwde ze het bedrijf verder uit tot een succesvol communicatiebureau met een jong en ambitieus team. Andere grote namen dienden zich aan, waaronder Google, Nike, Facebook en Zalando. Het bureau overleefde de financiële crisis van 2009, toen grote klanten als Nike en Bugaboo ook weer afhaakten. ‘We hadden toen zoveel klanten – groot en klein, Nederlands en internationaal – dat we het konden uitzingen en later trok de economie ook weer aan en konden we doorgroeien. Het was hard werken en soms heel spannend, maar we hebben het hoofd altijd boven water kunnen houden en we hebben zeer succesvolle periodes gekend. En het bleef goed lopen. Maar uiteindelijk begon ik me wel een klein beetje te vervelen.”
Het bureau draaide goed, de klanten waren interessant, maar de vraagstukken begonnen steeds meer op elkaar te lijken. “Dus ik ging in het bestuur van de hockeyclub, organiseerde internationale uitwisselingen en begon aan een studie filosofie. Dat zijn natuurlijk allemaal leuke dingen, maar ergens wist ik ook: als ik daar zoveel voldoening uit haal, dan klopt er iets niet. Dan mis ik blijkbaar uitdaging in mijn werk. Ik ben een bouwer, altijd al geweest. Ik vind het geweldig om iets op te zetten, mensen mee te krijgen en nieuwe ideeën werkelijkheid te maken. Maar als de bouwfase voorbij is en alles draait zoals het moet draaien, dan ga ik vanzelf weer op zoek naar een volgende uitdaging.”
Veganistisch
In die periode besloot Joris dat hij gezonder wilde gaan leven. En daar hoorde volledig plantaardig eten bij. “Veganistisch eten, ik wilde het ook graag, maar het wilde maar niet lekker zijn. Ik werd er haast depressief van. Ik at al tien jaar vegetarisch, maar ik kreeg het niet voor elkaar om lekker te koken zonder dierlijke producten. Het voelde alsof er een dikke muur stond tussen hoe ik altijd kookte en wat ik vanaf dat moment nog ‘mocht’ koken.”
“Op een zaterdag was ik zó gefrustreerd dat ik tegen Joris zei: ik ga nu wandelen en ik kom pas terug als ik weet hoe ik weer lekker kan eten. Dat kan een uur duren, drie dagen of een jaar. Het duurde vier uur. Toen viel het kwartje: heel veel gerechten uit de Libanese keuken waarmee ik ben opgegroeid, maar ook uit de Italiaanse en Aziatische keuken, zijn van nature plantaardig. Het probleem was niet het eten, maar het label. Opeens liep mijn hoofd over van de recepten. Opeens wist ik hoe ik lekker plantaardig kon koken. Ik deed dat tenslotte al mijn hele leven, maar had me niet gerealiseerd dat het vegan was.” À la Damaris werd geboren in 2019. Er kwamen online recepten, kookboekjes, afhaalmaaltijden en een restaurant in 2022.
Geluk
Het is een leven vol onverwachte wendingen, waarin het wel lijkt alsof Damaris alles waar ze aan begint en wat er op haar pad komt tot een ongekend succes weet te maken. “Dat hoor ik wel vaker, ja. Alsof het bij mij allemaal vanzelf gaat. Maar dat is niet zo. Ik heb – net als ieder ander – ook tegenslagen gehad en verdrietige periodes doorgemaakt. En ik heb voor alles wat ik heb bereikt keihard gewerkt. Je kunt veel pech hebben of veel geluk hebben, maar je bent altijd de regisseur van je eigen leven. In dat opzicht ben ik een echte liberaal. Neemt niet weg dat ik inderdaad heel veel geluk heb. Toen Peter me vroeg of ik wethouderskandidaat voor D66 wilde worden, dacht ik eerst: dat kan nog niet, het is te vroeg. We willen nog een paar jaar het restaurant ‘doen’. Kom over vier jaar maar terug. Maar Joris verklaarde me voor gek. Hij zei: ‘Bel hem maar terug, en zeg dat je het doet!’ Daarna heb ik wéér uren gewandeld in de uiterwaarden en ik kon alleen maar denken: hoeveel geluk kan een mens hebben?”
Over haar nieuwe rol spreekt Damaris op dit moment nog niet echt over beleid en doelstellingen. “Dat komt vanzelf! Wat ik nu belangrijk vind is hoe ik dat wat er speelt benader en hoe ik met mensen omga. Ik ben wethouder voor alle inwoners van Zaltbommel, niet alleen voor mensen die op D66 hebben gestemd. Wat ik me voortdurend afvraag, het is een soort levensmotto: wat kan ík bijdragen, zodat we het sámen beter krijgen? Zo ga ik het wethouderschap ook in. Niet vanuit kampen en tegenstellingen, maar vanuit nieuwsgierigheid, verantwoordelijkheid en de overtuiging dat we samen verder komen dan alleen. Er is een nieuw soort verzuiling ontstaan. We leven steeds meer in onze eigen bubbels, onze eigen algoritmes. Ik hoop dat we elkaar weer vaker opzoeken, naar elkaar luisteren en ontdekken dat we meer gemeen hebben dan we denken.”